Pedagogisch beleidsplan bso-2015

Download ons pedagogisch beleidsplan BSO als PDF.

Februari 2015

Inleiding

Voor u ligt het pedagogisch beleidsplan van Kindercentrum De Kids Loods, van de buitenschoolse opvang voor kinderen van 4 tot 12 jaar. Dit pedagogisch beleidsplan is opgesteld door Leonie Schlüter.

Het pedagogisch beleidsplan is opgesteld voor pedagogisch medewerk(st)ers en biedt houvast bij hun dagelijkse omgang met kinderen Het zal hun stimuleren om in de dagelijkse praktijk stil te staan bij het werk waardoor de kwaliteitsbewustheid wordt bevorderd. Zo nodig kunnen medewerk(st)ers worden aangesproken op hun handelen. Ook informeert het de ouders van kinderen die de BSO bezoeken, of gaan bezoeken, over onze werkwijze en de omgang met de kinderen. Andere betrokkenen (bijvoorbeeld de gemeente, GGD) kunnen inzicht krijgen in onze pedagogische werkwijze.
Een veilige en stimulerende omgeving is een voorwaarde voor een gezonde en goede ontwikkeling van het kind. De inbreng van zowel het kind als de pedagogisch medewerkers staan hierbij centraal. Bij Kindercentrum De Kids Loods op de buitenschoolse opvang vinden we het van belang dat er uit een kind een mens groeit, dat eerlijk is en respect toont voor zichzelf, voor de ander en zijn omgeving. Een mens dat zich verantwoordelijk voelt, dat openstaat voor de ander, sociaal denkend en assertief is. Deze kenmerken zien we als de belangrijkste eigenschappen van een goed functionerend mens in onze maatschappij.

De buitenschoolse opvang biedt opvang aan kinderen van 4 t/m 12 jaar in de speciaal hiervoor ingerichte ruimte van 200m. Binnen de B.S.O. is er ruimte voor 30 kinderen in de leeftijd van 4 – 12 jaar. De kinderen ontmoeten elkaar in groepsverband. Het is een plaats waar kinderen leren omgaan met andere kinderen, dit door samen te spelen, te eten en groepsactiviteiten te doen zoals bijvoorbeeld sporten en creatieve thema gerichte activiteiten. Door het omgaan met andere kinderen leren zij de uitwerking van hun gedrag op anderen kennen. Mede hierdoor krijgen kinderen inzicht in hun eigen gevoelens en leren ze een zich sociaal te ontwikkelen. Ze leren bijvoorbeeld meer de betekenis van delen, helpen, rekening houden met elkaar houden, op een gepaste wijze omgaan met conflicten en opkomen voor jezelf.

Op de B.S.O wordt er een gedeelte van de opvoeding over genomen van de ouders. Het is daarom van groot belang dat tussen ouders en leidsters een goede uitwisseling is van gegevens over het kind. De ouders mogen dus van de leidster een ‘gezonde’ betrokkenheid verwachten.

Het Pedagogisch beleidsplan ligt voor ouders ter inzage op de BSO en zal ook op de site worden geplaatst. Uiteraard blijft dit pedagogisch beleidsplan altijd in ontwikkeling. Het wordt dan ook aangepast zo gauw er nieuwe afspraken gemaakt worden.

Pedagogische opvoedingsdoelen

De wet kinderopvang omschrijft wat de overheid verstaat onder kwaliteit in de kinderopvang: “verantwoorde kinderopvang is kinderopvang die bijdraagt aan een goede en gezonde ontwikkeling van het kind in een veilige omgeving”. Voor de pedagogische onderbouwing van de Wet kinderopvang en bijbehorende toelichtingen, is gekozen voor de vier opvoedingsdoelen van professor J.M.A. Riksen- Walraven.

  1. Deze vier pedagogische basisdoelen zijn:
    het aanbieden van een gevoel van emotionele veiligheid
  2. het bieden van gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competentie het bieden van gelegenheid tot het
  3. ontwikkelen van sociale competentie
  4. het bieden van de kans om zich waarden en normen eigen te maken

1. Een gevoel van emotionele veiligheid bieden: 

Het bieden van een gevoel van veiligheid is de meest basale pedagogische doelstelling voor alle vormen van kinderopvang. Wij zorgen dat het kind zich emotioneel veilig kan voelen. Dat het kind het naar zijn zin heeft en dat het zich prettig voelt. Dit is ook een voorwaarde voor het kind om zich verder te kunnen ontwikkelen. Een gevoel van veiligheid creëren wij mede door vaste leidsters. De leidsters van B.S.O De Kids Loods geven de kinderen een gevoel van emotionele veiligheid door duidelijk te zijn in wat wel en niet kan. Als pedagogisch medewerkster moet je consequent en voorspelbaar zijn in je reacties. Er is een zekere mate van structuur (regels, regelmaat en gewoonten) omdat dit de kinderen duidelijkheid biedt. Het kind weet waar het aan toe is en wat hem te wachten staat. Het herkenbare, terugkerende geeft een gevoel van veiligheid en vertrouwen en bij jonge kinderen een tijdsgevoel waardoor de dag overzichtelijk wordt. De kinderen voelen zich welkom met hun eigenaardigheden, we kunnen gedrag (aangeleerd) loskoppelen van wie het kind is (aangeboren). Complimentjes over wat het kind doet, wat het kan of wie het is, zijn onvoorwaardelijk gemeend. De verzorgingsmomenten zijn dé momenten voor individuele aandacht. Dit geldt tevens voor de B.S.O. Wanneer alle kinderen binnen zijn, wordt er gezamenlijk iets gegeten en gedronken. Kinderen worden in de gelegenheid gesteld iets te vertellen over thuis of school. De leidster heeft hierbij een stimulerende en begeleidende rol. Ook wanneer een kind een keer iets niet wil vertellen wordt dit ook geaccepteerd. Indien een verlegen kind niet durft probeert de leidster dit op gepaste wijze toch te stimuleren. Er wordt veiligheid geboden door de aanwezigheid van bekende leeftijdsgenoten. In een vertrouwde groep wordt de mogelijkheid geboden kinderen gevoelens van verbondenheid en sociale verantwoordelijkheid te laten ontwikkelen. De inrichting van een ruimte levert een bijdrage aan een gevoel van geborgenheid. Alle materialen en meubilair hebben een vaste plek op de groep. Er wordt gelegenheid geboden de kinderen in kleine groepjes te laten spelen.

2. Gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties bieden:

Het is belangrijk dat de kinderen de mogelijkheid krijgen persoonlijkheidskenmerken als zelfstandigheid, zelfredzaamheid, zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit te ontwikkelen. In principe gebeurt het ontwikkelen van de persoonlijke competentie vanuit het kind zelf, door spel en door het ontdekken van de wereld om zich heen. We vinden het belangrijk kinderen te stimuleren dingen zelf te doen om ze op die manier te laten ervaren dat ze veel dingen al zelf kunnen. Dit geeft het kind zelfvertrouwen en een kans tot verdere ontwikkeling. Door kinderen zelf te laten kiezen hoe zij hun vrije tijd besteden in de BSO, worden zij geprikkeld zelfstandig initiatieven te nemen. Kinderen die veel eenzijdige keuzes maken, of moeite hebben zelf initiatief te nemen worden daarin begeleid en gestimuleerd door de pedagogisch medewerk(st)ers. Bij jonge kinderen zijn ontdekken en spel de belangrijkste middelen om grip te krijgen op hun omgeving. Exploratie en spel kunnen worden bevorderd door de inrichting van de ruimte en aanbod van materialen en activiteiten. De inrichting van de ruimte moet zodanig zijn dat het kind zich veilig voelt en met aan de leeftijd aangepast materiaal kan spelen. De vaardigheden van leidsters zijn ook erg belangrijk in het uitlokken en begeleiden van spel. Een manier van de leidsters om het vertrouwen van een kind te winnen is door samen veel activiteiten te ondernemen. Neem hier als voorbeeld bij door meer huishoudelijke karweitjes samen te doen (samen koken voor de groep, samen de tafel te dekken) maar ook vooral om veel dingen samen te doen in spelvorm (spelletjes, creatieve activiteiten). Als de leidsters persoonlijke aandacht hebben voor het kind, zullen kinderen ook sneller naar de leidster toekomen maar ook het zelfvertrouwen van het kind zal groeien door de succeservaringen die het opdoet tijdens de uren dat het kind verblijft in bij de B.S.O locatie. Door het creëren van de juiste condities voor spel en door een aanbod van materialen en activiteiten dat aansluit bij het ontwikkelingsniveau en de interesse van een kind, zal er voor een kind de gelegenheid zijn zich persoonlijk te ontwikkelen op een veilige wijze.

Bij de B.S.O werken we thema gericht. Er wordt zoveel mogelijk materiaal verzameld dat aansluit bij het thema. Er worden per thema verschillende activiteiten bedacht. Men kan denken aan verkleedkleding (per thema bijvoorbeeld Halloween, sprookjes) , verschillende knutselwerkjes, leesboekjes, liedjes etc. Door de kinderen ook thema gericht te laten knutselen zullen zij hun creatieve kant verder gaan ontwikkelen en doen zij veel succeservaringen op en kunnen zij trots zijn op hun eigen creaties.

Voorbeeld: Een kind wil alleen maar met de lego spelen in de bouw hoek. De pedagogisch medewerk(st)er heeft voor de maand een leuk thema bedacht, maar het kind wil er niet aan mee doen. De pedagogisch medewerk(st)er betrekt het kind bij het thema en zorgt dat het kind toch interesse krijgt om mee te doen. Dit kan bijvoorbeeld door het kind te betrekken bij de voorbereidingen of het begeleiden van de activiteit.

3. Gelegenheid tot het ontwikkelen van sociale competenties bieden.

Het omgaan met andere leeftijdsgenootjes is een belangrijke manier om sociale competenties te ontwikkelen. Bijvoorbeeld om zich in een ander te kunnen verplaatsen, kunnen communiceren, het samenwerken, andere helpen, conflicten voorkomen en oplossen en het ontwikkelen van sociale verantwoordelijkheid.

De groepssamenstelling wisselt per dag. Alle kinderen spelen bij en met elkaar, zoals dat in een gezin ook het geval is. De grote kinderen houden rekening met de kleine kinderen en de kleine kinderen met de grote.
Kinderen kunnen gedurende de hele opvangperiode in dezelfde groep blijven. Kinderen uit één gezin zitten bij elkaar in de groep. Grotere kinderen kunnen zorgzaamheid ontwikkelen voor jonge kinderen. Kinderen leren rekening houden met elkaar.

We stimuleren de kinderen zoveel mogelijk zelf te doen. Wanneer ze hulp nodig hebben, kunnen ze elkaar helpen of de pedagogisch medewerk(st)er vragen hen te helpen. We proberen de kinderen zoveel als mogelijk de fatsoensnormen bij te brengen. De pedagogisch medewerk(st)er beloont de kinderen met complimenten. Als de kinderen gestraft moeten worden, moeten ze van ons even aan tafel zitten en wordt er samen met een pedagogisch medewerk(st)er met het kind gepraat en uitgepraat.

Voorbeeld: De grote kinderen zijn aan een spelletje tennis op de wii aan het spelen, maar daar willen ook kleinere kinderen aan meedoen. De grotere vinden het lastig omdat zij veel kleiner zijn. Er wordt afgesproken onderling en samen met de leidster dat er 2 kleintjes, elk bij een groter kind mee mag spelen en zo kan er een klein toernooitje worden gespeel en ook nog eventueel gerouleerd. Zij spreken af dat er bij ieder team een paar kleine kinderen mogen en spelen zo samen. De kleine kinderen leren van de grote kinderen en soms ook nog andersom. De groep brengt een extra dimensie in het aanleren/vergroten van sociale vaardigheden. Kinderen komen met zowel jongere als oudere kinderen in aanraking. Ze leren daarmee aspecten als rekening houden met elkaar, elkaar helpen, luisteren naar elkaar en opkomen voor jezelf.

4. Het bieden van de kans om zich normen en waarden eigen te maken.

Kinderen moeten de kans krijgen om zich waarden en normen, de cultuur van de samenleving waarvan zij deel uitmaken, eigen te maken. De BSO wordt gezien als een aanvulling op de eigen gezinssituatie. Hier kan een kind in aanraking komen met andere aspecten en de diversiteit van onze samenleving. Een kind leert respect voor anderen en zijn omgeving te hebben als het zelf met respect behandeld wordt.

Doordat de BSO in een groep plaats vindt, is het vormen van ideeën en het hebben van opvattingen en het gedrag af te stemmen op eigen waarden, iets waar kinderen dagelijks mee bezig zijn. Volwassenen spelen in dit proces een belangrijke rol. Dit betekent dat de pedagogisch medewerk(st)ers ook met respect met elkaar en met de kinderen omgaan. Hierbij hanteren we normaal taalgebruik en houden we ons aan de regels die gezamenlijk afgesproken zijn. Van de kinderen verwachten we ook dat ze zich houden aan de regels, dat ze aardig zijn tegen elkaar en tegen de medewerk(st)ers (niet schelden, slaan enz.).

Naast volwassenen spelen ook andere, vaak oudere kinderen een belangrijke rol in het eigen maken van normen en waarden. Kinderen kijken op tegen de grote kinderen. Vinden ze stoer, groot en imiteren hun gedrag al snel.
De pedagogisch medewerk(st)er volgt dit proces en maakt de oudere kinderen bewust van de rol die zij spelen voor kleinere kinderen. Zo kan het oudere kind worden aangesproken op het taalgebruik of op het gedrag dat niet geaccepteerd wordt waar kleine kinderen bij zijn. We vragen het kind rekening te houden met het jonge kind, dat nog niet hetzelfde als het oudere kind weet of kan.

Naast respect voor anderen vinden wij het belangrijk dat kinderen leren omgaan met materialen en de omgeving (wereld) om ons heen. Van de kinderen wordt verwacht dat ze voorzichtig omgaan met het speelgoed van de BSO of van de andere kinderen en dat ze met respect omgaan met knutselwerken van andere kinderen. Wij willen kinderen leren met zorg om te gaan met de natuur en het milieu, bv. door geen takken van de bomen te scheuren, en samen voor een schone, opgeruimde leefomgeving te zorgen.

Pedagogische middelen om opvoedingsdoelen te realiseren.

Kindercentrum De Kids Loods gebruikt vijf pedagogische middelen om de vier voorgenoemde opvoedingsdoelen te realiseren.

  1. de leidster-kind interactie
  2. de fysieke omgeving
  3. de groep
  4. het activiteitenaanbod
  5. het spelmateriaal

1 In de leidster-kind relatie werken wij aan de emotionele veiligheid van een kind.

De aanwezigheid van vaste en vertrouwde groepsleiding is basis om een goede relatie tussen kind en leiding te kunnen laten ontstaan. Bij de samenstelling van een team wordt o.a. gekeken naar de combinatie in leeftijd, ervaring, culturele
achtergrond, creativiteit en geslacht. Een voldoende gevarieerde teamsamenstelling biedt kinderen een breder scala aan mogelijkheden om een relatie op te bouwen met de groepsleiding. De leidster stimuleert een kind door grenzen te ontdekken en te verleggen van wat een kind kan, wil of durft. De leidster maakt het kind bewust van de eigen capaciteiten en kwaliteiten van het kind, speelt in op grapjes, humor en “gek doen”. Ingaan op initiatieven van het kind, belonen, prijzen en complimenteren zijn positieve wijzen van bevestigen van een kind.

De groepsleiding wordt begeleid en beoordeeld op:

  • de wijze waarop zij het kind benaderd en aanspreekt
  • de dagelijkse omgang zoals plezier maken, grapjes uithalen, stoeien
  • de wijze waarop zij een kind troost, bevestigt, verzorgt, aanmoedigt, uitlegt
  • de wijze waarop zij aansluiten op persoonlijke emoties en ervaringen van het kind -de mate waarin responsief dan wel restrictief op een kind wordt gereageerd
  • de mate waarin zij respect voor de autonomie van een kind tonen. Bovengenoemde wordt o.a. besproken in het groepsoverleg en functioneringsgesprek.

Ook wordt het kind – leidster ratio goed in acht gehouden. Er is ruimte voor 30 kinderen. Momenteel maken 14 kinderen gebruik van de B.S.O. Op deze drukke dagen zijn er 2 gediplomeerde leidster aanwezig om de kinderen te begeleiden. Er is dus een stamgroep van 14 kinderen maar deze zijn nooit tegelijkertijd aanwezig op de BSO. Door de houder wordt er goed geleid op de juiste leidster-kind ratio. Zodra er 11 kinderen op een dag aanwezig zijn, worden er 2 leidsters ingezet.

Praktijkvoorbeeld: Een Kind heeft een andere cultuur dan de Nederlandse mag geen varkensvlees eten ,andere kinderen vinden dit raar en stellen vragen. De leidster legt uit over de verschillende culturen en dat iedereen andere gewoontes heeft en vraagt of het kind er zelf iets over wil vertellen. De leidster geeft hierin een opening tot een open gesprek, zij verteld niet haar eigen zienswijze of mening over de gebruiken binnen een bepaalde cultuur, maar vraagt of het kind zelf kan vertellen de reden achter het niet eten van varkensvlees. Dit voorbeeld kan aanleiding zijn bij anderen om ook meer over hun eigen tradities, gebruiken of gewoontes te vertellen.

2- Door de wijze waarop wij de -binnen en buiten- ruimte aanbieden en inzetten creëren wij emotionele veiligheid voor een kind.

Ieder kind wordt opgevangen in een vaste groep met eigen groepsruimte. De eigen groepsruimte is een herkenbare en vertrouwde plek voor het kind. De inrichting is kindgericht door materiaal en kleurkeuze. De groepsleiding maakt heldere en begrijpelijke afspraken en instructie over het gebruik van de ruimtes. De ruimtes zijn voor kinderen op herkenbare wijze ingedeeld met plaatsen voor rust en actie en mogelijkheden die aansluiten bij leeftijd en ontwikkelingsstadium van een kind. In de ruimtes wordt evenwicht geboden tussen veiligheid en uitdaging.

Praktijkvoorbeeld: Een kind is heel erg overstuur door een emotionele gebeurtenis van school. Hierdoor heeft het kind minder behoefte om met anderen te spelen. Er wordt met een kind over de gebeurtenis gesproken en er wordt aan het kind aangeboden om op een rustige plek te gaan spelen met het door hem gekozen speelgoed.

3-In en met de groep dragen wij zorg voor de emotionele veiligheid van een kind.

De groep heeft een vaste samenstelling hetgeen het kind de veiligheid én de
mogelijkheid om vertrouwd te raken met groepsgenoten biedt. De persoonlijke competentie van het kind kan in groepsverband onder de aandacht komen door activiteiten waarmee een kind zichzelf op onderscheidende wijze kan laten zien (foto’s van thuis, werkstukken, toneelstukje).
De groep is een sociale leefgemeenschap waarin geoefend kan worden met eigen mogelijkheden, grenzen, aardigheid/onaardigheid, delen van plezier, gewenst en/of ongewenst gedrag.

4-Bij het organiseren en aanbieden van activiteiten kiezen wij voor een aanpak die de emotionele veiligheid van een kind waarborgt.

De structuur van een opvangdag ligt vast: vaste activiteiten op vaste momenten bieden het kind zekerheid en structuur. Ook vaste rituelen zijn hier onderdeel van zoals Ontbijt 7.30 voor school ,fruit met drinken bij binnenkomst na school,17.00 eten van een verse warme maaltijd.

Hier tussendoor is er gelegenheid voor het kiezen van diverse activiteiten zoals:

  • Huiswerk maken op de computer (met of zonder begeleiding)
  • X-boxen.
  • Dansen
  • Filmpje kijken in de loungehoek.
  • Lezen van een boek in de lounge hoek
  • Knutselactiviteit.
  • Het geven van workshop (dans, theater maar ook creatieve workshops komen aan bod) – Sport en spel
  • We gaan er ook op de vrije middagen vaak op uit van musea tot pretparken tot actieve uitjes.

De leidster biedt het kind steun bij activiteiten door:

  • actief optreden, passief bewaken, voelbare aanwezigheid
  • uitdagen en stimuleren tot grensverkenning
  • troostend, helpend, bevestigend, sensitieve houding
  • alertheid op restrictieve (=beperkend, stoppend) houdingen

5-Wij gaan met het spelmateriaal om op een wijze die bijdraagt aan de emotionele veiligheid van een kind en op een wijze die de sociale competenties van een kind stimuleert.

Het spelmateriaal past bij leeftijd, ontwikkelingsfase, fysieke en geestelijke mogelijkheden van een kind. Het materiaal maakt emoties los van plezier, pret, verrassing,verwondering, ongeduld of teleurstelling. De wijze waarop de groepsleiding het spelmateriaal aanbiedt, biedt kansen voor individuele leermomenten, zelfoverwinning, zelfstandigheid en zelfredzaamheid. In de groepsgerichte opvang van B.S.O De Kids Loods blijft altijd oog voor het individuele kind, met voldoende ruimte voor het kind om zich terug te trekken, zowel fysiek als sociaal. De kinderen worden dus in de groep maar ook individueel ondersteund, gestimuleerd, geholpen, begrepen en gerespecteerd. Het spelaanbod sluit aan bij de wens om zowel individueel als gezamenlijk spel aan te bieden. Het spelmateriaal is uitdagend, grensverleggend en ontwikkelingsgericht, houdt rekening met de diversiteit in leeftijd, sekse, sociale en culturele achtergrond. De leidster stimuleert het kind een ander kind te helpen. Men kan daarbij denken aan kleine dingetjes die kinderen voor elkaar kunnen doen, bijv. helpen bij het dichtdoen van een jas of schoenen van een ander (of jonger) kind, iets pakken voor een ander.

Een kind prijzen wanneer het een ander kind troost. Het in de groep spelenderwijs de kinderen oplossingen laten bedenken. Het (voor)lezen van verhaaltjes/boekjes welke specifiek bepaalde gevoelens/emoties verwoorden. De leidster stimuleert de kinderen in de omgang met elkaar en leert de kinderen hoe ze met elkaar kunnen communiceren. Zij leert de kinderen o.a. dat je niet voor je beurt praat, dat je leert luisteren naar de andere en dat je niet voor je beurt praat.

Dagritme

Wij werken met een vast dagritme zoals als hierboven beschreven voor de voorschoolse opvang:

  • 7.00: Kinderen kunnen gebracht worden en ze kiezen een activiteit.
  • 7.30: Ontbijten we met alle kinderen die er dan zijn aan tafel.
  • 7.50: Opruimen ,kinderen gaan jassen schoenen aandoen en tassen verzamelen. – 8.00: Kinderen worden naar school gebracht
  • 14:30: De eerste kinderen zullen opgehaald zijn van school. Zij mogen alvast een activiteit kiezen.
  • 15.30: Alle kinderen zullen weer aanwezig zijn op de B.S.O. We gaan fruit/koekje eten en wat drinken. We praten over de dag en kiezen een activiteit. Er zullen groepsactiviteiten worden georganiseerd, hier kunnen kinderen ook voor kiezen, maar mochten zij hier niet voor kiezen zijn er genoeg activiteiten en materialen waarmee zij zich dan kunnen vermaken. Ook is er een mogelijk om mee te helpen met een van de leidsters die gaat koken wie het leuk vindt heeft de mogelijkheid om mee te helpen.
  • 16.45: Gaan we opruimen ,plassen/handen wassen.
  • 17.00: Gaan we aan tafel , we eten iedere dag een verse warme maaltijd)
  • 17.30: Opruimen: de kinderen brengen zelf hun bord, bestek en beker naar de keuken (bevorderd zelfstandigheid) en krijgen een toetje (als er goed gegeten is). Na het toetje mogen ze nog even een activiteit kiezen totdat ze worden opgehaald.
  • 19.00: sluit de B.S.O.

Groepsindeling

Bij kindercentrum de Kids Loods is er ruimte voor 30 kinderen. Deze zullen in 2 stamgroepen verdeeld worden. Een groep van 20 kinderen met 2 leidsters en 1 groep van 10 kinderen met hun vaste leidster. Momenteel zijn er 14 kinderen geplaatst op de B.S.O. Op een middag zijn er hooguit 10 kinderen tegelijk. Hierdoor is er 1 vaste leidster aanwezig op de B.S.O. Op de B.S.O zijn kinderen aanwezig in de leeftijd van 4 tot en met 12 jaar. Binnen de groep zijn er 3 kinderen van 4 jaar, 3 kinderen van 6 jaar, 2 kinderen van 7, 1 kind van 8, 2 kinderen van 9 jaar en de overige zijn 10 en 11 jaar.

Activiteitenaanbod

Als activiteiten kunnen de kinderen bijvoorbeeld kiezen:

  • Huiswerk maken op de ipad / computer
  • Dansen of toneelspel
  • Filmpje kijken in de loungehoek
  • Gamen op de Xbox of wii
  • Knutselen
  • Spelen in de poppenhoek
  • Spelen in de huishoek
  • Meehelpen met de kookactivitei

Werken met thema’s

Het gehele jaar door wordt er met de kinderen gewerkt aan de hand van thema’s. De jaargetijden, speciale feestdagen Moederdag en Vaderdag bijvoorbeeld, dit zijn jaarlijks terugkerende thema’s. We maken met de leidster de planning om voor elke maand leuke passende thema’s uit te werken. Als het thema wordt uitgewerkt, verzinnen we leuke creatieve opdrachten, ook kan er kleine theaterstukjes met de kinderen worden bedacht. Het is de bedoeling dat het werken met thema’s voor de ouders ook visueel wordt. Door middel van de knutselwerkjes 2 weken op een leuke plek binnen de B.S.O locatie neer te zetten zodat deze bewondert kunnen worden. Nadat we van thema hebben gewisseld kunnen de leuke knutselwerken mee naar huis genomen worden. Als de kinderen het willen kunnen zij ook een ‘bonte avond ‘voor hun ouders houden, zodat zij de mogelijkheid hebben om bijvoorbeeld leuke dansjes of toneelstukjes passend bij het thema aan hun ouders te laten zien.

Bij speciale feestdagen zoals Sinterklaas worden hierbij ook leuke activiteiten bedacht. We nemen hierbij wel in acht dat niet iedereen vanuit hun geloofsovertuiging aan deze feestdagen mee wil nemen. Voor deze kinderen zullen we andere activiteiten aanbieden. Aan verjaardagen, de geboorte van een broertje of zusje wordt extra aandacht besteed. De kinderen mogen trakteren (bij voorkeur gezond), het lokaal wordt versierd en er wordt gezongen. De jarige mag die dag op onze speciale verjaardagsstoel zitten. Bij een verjaardag hoort uiteraard ook een cadeautje.

Regels die gelden op B.S.O. De Kids Loods

Om de sfeer en leefbaarheid in de groep en op de locatie positief en goed te houden, hanteert de leiding een aantal regels. It is op het gebied van hygiëne, sociale omgang en de zelfredzaamheid.

Regels bij binnenkomst

  • Elkaar begroeten
  • De jas ophangen / opbergen en je eigen tas opruimen en je schoenen uit doen en op het schoenenrek zetten

Tijdens eet en drinkmomenten aan tafel:

  • Voor of na het eten en of drinken naar het toilet
  • Handen wassen en aan tafel gaan zitten
  • We blijven aan tafel en praten rustig

Tijdens het spelen:

  • Binnen de ruimte wordt niet gerend
  • Je ruimt materiaal op voordat je aan iets anders begint
  • We luisteren naar elkaar
  • We zijn aardig voor elkaar
  • Voor gamen/ gebruik computer geld een tijd die je afspreekt met de leidster
  • Bij het naar huis gaan zeg je gedag tegen de leidsters

Gezondheid, ziektes en ongevallen

Alle leidsters zijn in het bezit van een geldig EHBO-diploma en weet hoe te handelen in geval van nood. Regelmatig wordt een bijscholingscursus gevolgd. In het geval van een besmettelijke ziekte welke gevaar kan opleveren voor de gezondheid van andere kinderen of leidsters, braken of ernstige diarree kan het kind de opvang niet bezoeken. Wanneer een kind ziek wordt op het dagverblijf worden de ouders of verzorgers daarvan in kennis gesteld. In overleg met de ouders of verzorgers wordt dan besloten wat voor actie wordt ondernomen. In geen geval zal de opvang koorts onderdrukkende middelen (zoals paracetamol etc.) toedienen. In een noodsituatie wordt uiteraard onmiddellijk onze eigen huisarts gewaarschuwd of gaan wij naar de eerste hulp.

Veiligheid

Het werken met een groep kinderen maakt het noodzakelijk dat het materiaal en de inrichting van de groepsruimte voldoet aan de strengste veiligheidsnormen. Regelmatig worden de ruimten en materialen gecontroleerd op veiligheid. Jaarlijks wordt dit nogmaals gecontroleerd d.m.v. de RI&E veiligheid en gezondheid. B.S.O De Kids Loods oefent een aantal malen per jaar het evacueren van kinderen en het hoe te handelen bij brand of calamiteiten. Hier zal ook een protocol voor geschreven worden, zodat alle leidsters hetzelfde zullen handelen. De groep beschikt ook over een zgn. noodlijst met telefoonnummers van de ouders. In geval van nood zal worden verzameld met alle groepen op het grasveld bij het parkeerterrein tegen over de opvanglocatie.

Hygiëne

Voor kinderen die nog niet veel weerstand hebben opgebouwd, is een schone omgeving van groot belang. Ziektes kunnen zich makkelijk verspreiden maar door het nemen van een aantal maatregelen wordt de kans op besmetting enigszins verkleind. Wij leren de kinderen de juiste toiletregels (bijv. na toiletbezoek altijd handen wassen met zeep) aan. Ook leren wij ze hun hand voor de mond te houden bij het niezen en hoesten. De leidsters letten hier goed op, ook bij zichzelf. Alle ruimtes worden dagelijks grondig schoongemaakt door de leidsters. In alle ruimtes zijn ventilatiesystemen aanwezig voor de zuivering van de lucht. Bij ziektes worden extra maatregelen genomen. Het meubilair en speelgoed worden extra schoon gemaakt. Besmettelijke ziekten worden gemeld in de hal en/of op de deur van de groep. Bij (besmettelijke) ziekten raadplegen wij de GGD mappen “Gezond en veilig”, en zoeken wij via de GGD site de juiste adviezen op hoe te handelen bij deze ziekte. Omdat er steeds meer kinderen zijn met een allergische aanleg, maar ook vanwege de hygiëne, is de ruimte zo stofvrij mogelijk ingericht. Iedere groep is in het bezit van schoonmaakschema’s, deze omvatten de dagelijkse, de wekelijkse, de maandelijkse en de jaarlijkse schoonmaak. Jaarlijks wordt de hygiëne gecheckt middels de RI&E Veiligheid en Gezondheid.

Inrichting

Een belangrijk criterium bij de inrichting van de groepsruimte is overzicht. Overzicht over de ruimte is zowel voor de leidster als voor het kind belangrijk. De leidster moet een zo goed mogelijk overzicht op alle kinderen kunnen houden. Grotere kinderen hebben al wat meer behoefte om af en toe in een “afgesloten” hoekje met elkaar te spelen. Bij de inrichting is rekening gehouden met deze behoeften van de kinderen. De ruimte is, o.a. door kleur en materiaalgebruik, aantrekkelijk voor kinderen en nodigt uit tot spel.

Wennen

Bij het wennen denken wij niet alleen aan het kind. Het valt voor veel ouders niet mee hun kind zomaar aan een kinderdagverblijf toe te vertrouwen. Voor ieder kind dat bij Kindercentrum De Kids Loods geplaatst wordt is er de mogelijkheid tot 1 wenmiddag Indien het wennen problemen oplevert wordt het wenschema aan het kind aangepast. Ieder kind is immers anders. Gedurende deze periode zal er een intensief contact plaatsvinden tussen leidsters en ouders. Tijdens de wenperiode dient tenminste één van de ouders bereikbaar/stand-by te zijn. Mocht een kind of ouder geen behoefte hebben aan een wenmiddag dan kan het kind natuurlijk meteen komen op de eerste afgesproken opvangdag. De aanwezige leidster zal het kind een rondleiding geven door de ruimte, het nieuwe kind voorstellen aan de groep en zal zelf ook op een prettige wijze kennis gaan maken met het kind door middel van vragen te stellen. De aanwezige leidster zal vragen waar de interesses van het kind liggen, en hierop activiteiten aanbieden.

Extra dagdelen opvang / flexibele opvang

Extra dagen zijn mogelijk, mits deze 2 weken van te voren zijn aangegeven en de grote van de groep dit toestaat (meer dan 30 kinderen kan en mag niet op de locatie). Als deze extra dagen van te voren zijn aangegeven bij de directie zal deze worden meegenomen in de planning zodat de juiste leidster/kind ratio ook voldoet aan de wettelijk gestelde eisen.

Omgaan met pestgedrag

Met pesten wordt het gedrag bedoeld waarin een persoon voor een langere tijd bejegend wordt op manieren die leiden tot fysieke of psychisch emotioneel lijden. Dit kunnen vervelende woordgrapjes zijn maar ook structureel geweld of buiten sluiten. Op de B.S.O is er een duidelijke regel dat kinderen elkaar niet mogen pesten. De leidster observeert dagelijks het gedrag van de kinderen onderling. Als er wordt vernomen dat een kind op de B.S.O wordt gepest dan wordt het kind extra begeleid en ondersteunt daar waar nodig. Het gepeste kind krijgt de gelegenheid om zijn of haar gevoelens te uiten. Ook wordt de weerbaarheid van het gepeste kind zal geprobeerd te worden vergroot door juiste begeleiding van de leidster.

Ouderbeleid

Samenwerken met de ouders

Op de B.S.O wordt een deel van de opvoeding en verzorging van de kinderen overgenomen van de ouders. Dit maakt het nodig om gegevens over de ontwikkeling van het kind uit te wisselen, waardoor wederzijdse inzichten over deze ontwikkeling worden vergroot. Om kinderen een zo goed mogelijke opvang te bieden is een goede samenwerking met ouders van groot belang. Daartoe dient aan een tweetal randvoorwaarden te worden voldaan:

  1. Wederzijds vertrouwen; begrip voor elkaars verantwoordelijkheid, mogelijkheden en beperkingen.
  2. Wederzijds respect; respect van de leidster voor de ouders die de eindverantwoordelijkheid voor hun kind hebben en respect van ouders voor de professionele verantwoordelijkheid van de leiding voor hun kind.

Daarnaast krijgt de samenwerking tussen ouders en leidsters gestalte door:

  1. De wen-periode. Om de eerste periode in de opvang voor het kind zo goed mogelijk te laten verlopen, worden er (ook middels een intakegesprek) duidelijk afspraken gemaakt met de ouders. Deze afspraken hebben onder meer betrekking op de opvoeding, de verzorging, het ritme en de gewoonten van het kind. Ook worden afspraken gemaakt over afscheid nemen. In de wenperiode wordt aandacht besteed aan de wederzijdse verwachtingen en wordt gevraagd naar specifieke wensen van de ouders.
  2. Uitwisselen opvoedingsideeën. Het uitwisselen van opvoedingsideeën maakt het mogelijk om een lijn te volgen in de benadering van het kind. Soms kan een bepaalde benadering thuis succesvol zijn en kan de opvang die overnemen.
    Andersom kan dat ook gelden. Verschillen in opvoeding en benadering van het thuis en in de opvang zijn eveneens bespreekbaar.
  3. Opvoedingsvragen van ouders. De opvang kan ouders ondersteuning bieden bij de opvoeding. Dit gebeurt in individuele contacten tussen ouders en leidster. De leidster ziet de kinderen een groot gedeelte van de dag en heeft zicht op hun ontwikkeling. Als er problemen zijn met een kind wordt in overleg met de ouders bekeken wat het beste is voor het kind.

Betrokkenheid

De ouders worden zoveel mogelijk betrokken bij zaken die de opvang betreffen. De contacten vinden plaats tussen:
De leidster en de individuele ouders. De afstemming heeft betrekking op het eigen kind. Uitgangspunt hierbij is dat zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de wensen van ouders. Als de leidster vindt dat de wens van de ouder niet overeenkomt met het belang van het kind en/of de opvang wordt dit uitgelegd en wordt geprobeerd hiervoor begrip te kweken bij de ouder.

  1. Individuele ouders en de opvang. B.S.O De Kids Loods draagt er zorg voor dat de ouders informatie krijgen over belangrijke zaken m.b.t. het functioneren van de dagopvang.
  2. Oudercommissie. De oudercommissie wordt gevormd door ten minste drie en maximaal 7 ouders van op het kindercentrum geplaatste kinderen. De oudercommissie kiest een voorzitter en een secretaris en volgt kritisch het wel en wee rond het kinderdagverblijf. Zij vertegenwoordigt alle ouders van de op het B.S.O geplaatste kinderen. De oudercommissie treedt adviserend of handelend op indien dit gewenst of noodzakelijk is, zowel richting directie als richting ouders. De oudercommissie bezit in officiële termen het adviseringsrecht. Er wordt een aantal keer per jaar vergaderd. De vergaderingen zijn openbaar en elke ouder is welkom als toehoorder.

Uitwisseling informatie

B.S.O De Kids Loods vindt het prettig wanneer ouders de opvang op de hoogte houden van zaken die effect kunnen hebben op het welzijn/de gemoedstoestand van hun kind. Speciale afspraken rondom het kind maken de ouders rechtstreeks met de leidster. Ouders en leidster hebben daarnaast uiteraard mondeling contact bij het brengen en halen. Deze manier van informatie uitwisseling vindt ook plaats bij de BSO. Wij vinden het belangrijk dat ook de ouders van deze kinderen op de hoogte blijven van wat hun kind die dag heeft gedaan en hoe het kind zich gedraagt binnen de groep. Elke ouder wordt tijdens de overdracht op de hoogte gehouden van de ontwikkeling van zijn/haar kind. Ieder jaar wordt er een observatie gehouden van elk kind waarna een ouder wordt uitgenodigd voor een evaluatiegesprek(10 min gesprek).

Contact met derden

Voor zover dit in het belang is van de kinderen kan er vanuit de opvang contact gezocht worden met externe instanties. Zo vindt wanneer nodig overleg plaats met de GGD, basisschool, opleidingsscholen voor stagiaires en welzijnsorganisaties.

Accomodatie

De opvangruimte is ingericht volgens de normen van de gemeentelijke toezichtverordening. De accommodatie is speciaal ingericht voor kinderen en biedt daardoor andere mogelijkheden dan de thuissituatie. De groep heeft de beschikking over een groepsruimte. De ruimte is zodanig ingericht dat een stimulerende werking uitgaat op de ontwikkeling van het kind.

Ondersteuning groepsleiding

De groepsleiding wordt ondersteund door andere volwassenen in geval van:

  • bijzondere aangelegenheden zoals bijv. feesten/uitjes/activiteiten waarbij ondersteuning en begeleiding (van kinderen) door volwassenen noodzakelijk is;
  • de organisatie van bovengenoemde feesten/uitjes/activiteiten.
  • het vragen om advies bij bijv. ontwikkeling- of gedragsproblemen en evt. andere zaken die betrekking hebben op de kinderen uit de groep aan adviserende instanties.

Klachtenregeling

Ondanks alle vormen van contact en overleg is het soms niet te vermijden dat er af en toe iets is wat een ouder niet bevalt aan de opvang van zijn kind. Een ouder kan bijvoorbeeld vinden dat een leidster niet genoeg aandacht heeft voor zijn kind of dat zij ten aanzien van een bepaald aspect in haar werkwijze niet goed functioneert. In ons kindercentrum vinden we dat de leidsters rechtstreeks met het probleem benaderd kunnen worden. De leidsters streven ernaar om professioneel om te gaan met kritiek. Soms zal het verstandig zijn om een afspraak te maken voor een oudergesprek,

waarbij eventueel iemand van de directie aanwezig zal zijn om het gesprek te begeleiden. In het geval dat een ouder een klacht niet met de leidster kan bespreken of kritiek heeft op het organisatorisch vlak kan de ouder terecht bij de directie van Kindercentrum de Kids Loods.

Mochten ouders toch niet tevreden zijn over de afhandeling van hun klacht kunnen ouders zich ook wenden tot de Klachtencommissie van:

SKK

Postbus 398

3740 AJ Baarn

Tel.: 0900-0400034

www.klachtkinderopvang.nl

Deze organisatie is een klachtencommissie welke onafhankelijk van ons dagverblijf functioneert. B.S.O De Kids Loods is bij deze klachtencommissie aangesloten conform de wettelijke norm vanuit de overheid.

Actualiteit pedagogisch beleidsplan

Dit pedagogisch beleidsplan wordt periodiek ter goedkeuring aangeboden aan de oudercommissie van Kindercentrum De Kids Loods. Momenteel heeft 1 ouder zich hiervoor al opgegeven. Andere ouders worden nog gezocht en persoonlijk gevraagd om deel te nemen aan de oudercommissie. Het pedagogisch beleid is bij uitstek een onderwerp waarbij de betrokkenheid van ouders van essentieel belang is. Een pedagogisch beleid is iets dat voortdurend kan veranderen door gewijzigde (wetenschappelijke) inzichten, door de voortschrijdende tijd of door ervaringen. Dit Beleidsplan zal dan ook met regelmaat, opnieuw besproken en zo nodig bijgesteld worden. De oudercommissie heeft formeel een verzwaard adviesrecht ten aanzien van een voorgenomen besluit tot vaststellen of wijzigen van het pedagogisch beleid. Bewaken, evalueren, bijstellen en verbeteren van het pedagogisch beleidsplan is onderdeel van het kwaliteitssysteem van

Calamiteitenplan

Het calamiteitenplan omvat de navolgende protocollen. Voor de inhoudelijke vulling van deze protocollen verwijzen wij u naar de PDF van ons beleidsplan.

  • Protocol meldcode kindermishandeling
  • Omgaan met rouwverwerking
  • Werkinstructie bij overlijden
  • Protocol ernstig ongeval (en overlijden) op het kinderdagcentrum
  • Protocol kindervermissing
  • Verklaringen / overeenkomst i.v.m. medicatie toediening
error: Content is beveiligd! (c) De Kids Loods 2019